Buiten en neutraal
Laat de honden elkaar voor het eerst ontmoeten op een plek waar geen van beiden woont: een veld, een rustige weg. Loop eerst een stuk parallel op ruime afstand, laat ze daarna aan elkaar ruiken en loop weer door. Zo wordt de kennismaking een wandeling in plaats van een confrontatie.
Pas daarna naar binnen
Ga na die wandeling samen naar huis en laat de nieuwe hond binnen terwijl de eerste al bezig is met iets anders. Ruim vooraf alles op wat de moeite waard is om te bewaken: speelgoed, kluiven, voerbakken. Dat is de kortste route naar een rustige eerste avond.
Ieder een eigen plek
Twee manden op verschillende plekken, en het liefst een bench of een aparte kamer waar de nieuwe hond met rust gelaten wordt. Honden hebben geen probleem met alleen zijn in dezelfde ruimte; ze hebben een probleem met nooit ontsnappen aan elkaar. Die uitweg is in de eerste weken belangrijker dan gezelligheid.
Toezicht, en dus geen alleen laten
Laat ze de eerste weken niet samen alleen. Niet omdat er ruzie te verwachten is, maar omdat u er anders niet bij bent als er iets ontstaat - en juist die eerste keren bepalen hoe ze verder met elkaar omgaan. Apart zetten als u weg bent, is geen straf maar veiligheid.
Aandacht verdelen
Geef de eerste hond de aandacht die hij gewend was en liefst iets meer, en doe dingen apart: apart wandelen, apart een kwartier op de bank. De nieuwe hond wordt vanzelf onderdeel van het huishouden; de oude moet merken dat er niets van hem is afgepakt.
Gedrag dat normaal is
Grommen, wegduwen, corrigeren met een blaf: dat hoort erbij en is meestal communicatie in plaats van agressie. Grijp niet bij elk gegrom in, want daarmee haalt u de waarschuwing weg en houdt u alleen de escalatie over. Grijp wel in als het niet stopt, als één hond zich niet kan terugtrekken, of als er strak gestaar en stijve houdingen aan voorafgaan.
Hoelang duurt het
Reken op zes weken voor de dagelijkse gang van zaken en op drie tot zes maanden voordat de verhouding echt uitgekristalliseerd is. Bij een pup gaat het vaak sneller omdat volwassen honden meer van jonge dieren accepteren; bij twee volwassen honden duurt het langer.
Wanneer het niet lukt
Aanhoudende spanning, gevechten met verwondingen, of een hond die niet meer eet of slaapt: dat zijn signalen om hulp te halen bij een gedragsdeskundige, en niet om af te wachten. Hoe eerder u dat doet, hoe groter de kans dat het nog te draaien is.
Wat u vooraf klaarzet
Twee manden ver uit elkaar, twee voerbakken in verschillende ruimtes, een bench of een kamer die af te sluiten is, en al het speelgoed opgeruimd. Wie dat vooraf regelt, hoeft in de eerste dagen niets te improviseren - en juist improvisatie levert de situaties op waarin het misgaat.


